De Roemenie reis, een impressie
Deel 2 van
het reisverslag
s Avonds kwamen we een beetje moe, maar voldaan weer
thuis. Na een goeie BOEM gingen we gauw slapen.
Donderdag
We werden (zoals gewoonlijk) ongeveer een half uurtje
eerder gewekt dan we gisteren hadden afgesproken. Arko zette namelijk trouw
elke ochtend om een uur of zeven onze pomp met gebruiksaanwijzing
aan, en vulde ons bad, zodat we de rest van de dag water hadden. Dit was overigens
geen drinkwater. Na de bekende wasrituelen en het ontbijt, openden we de dag
samen met God. De spreuk van vandaag was: als je geld nodig hebt om rijk te
worden
ben je pas echt arm! We vonden het de afgelopen dagen erg moeilijk
om te zien hoe de zigeuners leefden; geen bescherming tegen kou en regen, elke
dag weer die onzekerheid of er wel wat te eten zou zijn. Zo graag wilden we
ze helpen, maar we merkten ook dat we hun situatie niet zomaar even konden verbeteren.
De spreuk hielp ons inzien dat we juist ook op een andere manier konden helpen!
Door de Liefde van Jezus te laten zien in deze plek waar zo weinig liefde wordt
ervaren. We zongen als je bidt zal Hij je geven en baden om Gods
zegen over de dag. De kinderwerkgroep van vandaag ging onder leiding van Johanna
en Johannes de werkjes voorbereiden en een dramastukje over een bijbelverhaal.
Jan had een afspraak met de architect, die een plan voor het dagcentrum aan
het ontwerpen was. De corveeploeg van de dag o.l.v. Marrie Coby
Steendam, ruimde op, maakte schoon, en ging vervolgens boodschappen doen in
de Selgross, een supermarkt/warenhuis dubbel zo groot als de grootste franse
hypermarché die u ooit gezien heeft. Een teken van de vooruitgang van Roemenië,
waar de zigeuners tot nu toe totaal niet in mee kunnen komen, integendeel.
Het kinderprogramma ging deze keer wat gestructureerder
en het lukte om in de ochtend grofweg de kinderen tot tien jaar en s middags
de tieners te krijgen. We vroegen de kids of ze het liedje van gisteren, We
are marching, nog wisten
da, da, da, we zongen het met ze.
Leerden ze ook weer een nieuw liedje: Who is the king of the jungle. Het is
echt heel bijzonder wanneer je jongens van 18, soms 20 jaar, mee ziet zingen
en heel geconcentreerd de bijbehorende gebaren proberen na te doen. Ook deden
we werkjes en een spelletje en konden ons nu wat meer richten op de verschillende
leeftijden.
Inmiddels waren we bekend in het hele dorp en zodra
we ergens verschenen werden we door de zigeuners en vaak ook Roemenen begroet
of om geld dan wel brood gevraagd. We probeerden wat Roemeens: cum te cheamă,
hoe heet je, en: caţi ani ai, hoe oud ben je (meestal een paar jaar ouder
dan je zou schatten, allemaal groeistoornissen). Dan was het ijs snel gebroken.
Ook bij onze school kwamen regelmatig zigeuners of mensen uit de buurt kijken,
de meesten waren ontzettend aardig en geïnteresseerd. Na een heerlijke maaltijd
bereid door Coby, met raad en daad bijgestaan door Johan, liepen we met zn
allen richting de zigeuners omdat we al een paar keer waren gevraagd een goede
pot voetbal te spelen. Maar toen we het zigeunergedeelte van Band wilden binnenlopen,
werden we tegengehouden door Bela (de pastor), zijn broer Marin en nog een paar
christenen. Ga alsjeblieft niet verder, zeiden ze, het is niet veilig. Wat bleek,
het was die dag betaaldag. Van de zigeuners heeft niemand vast werk,
maar via een soort uitzendbureautje konden ze af en toe een dagje bij een boer
of bij wegwerkzaamheden werken. Eén keer in de paar weken kregen ze uitbetaald
en dat was deze donderdag. En veel van de zigeuners hadden van het geld drank
gekocht en waren nu dronken, daarom was het niet veilig voor ons. We gingen
boos en verdrietig terug. Waarom kochten ze geen eten voor hun kinderen, of
hout voor hun huis?! Tegelijk begrepen we dat het voor hen een manier was om
even een avondje alle zorgen en depressies te vergeten. Marin, die zich ook
heel erg schaamde, ging toen toch maar met ons naar het voetbalveld, daar waren
ook nog een paar zigeunerjongens uit een ander deel van Band. Met hen hebben
we nog lekker gevoetbald. Later op de avond was er veel te bespreken tijdens
de BOEM. Het kinderwerk, lieve bedelende zigeunerkindjes, de dronken zigeuners
en de bouw waar we nog steeds niet mee konden beginnen. We hebben God gebeden
om Zijn hulp voor de zigeuners en voor onszelf. En of we de volgende dag toch
met de bouw konden beginnen.
Wordt vervolgd (Jannes de Jong)!